De Roodenburgerpoldermolen
Het is zondagavond
10 september in het jaar
1893. Een zeer hevig onweer
teistert de stad Leiden. Tijdens
dit noodweer valt één van
de meest gefotografeerde
blikvangers van de wijk, de
Roodenburgerpoldermolen, na
een blikseminslag ten prooi aan
de vlammen. De molen brandt
geheel af. Voor de zoveelste
keer is de molen slachtoff er van
het natuurgeweld. Even voor de
goede orde: de molen stond toen
nog midden in de weilanden en
op Zoeterwouds grondgebied.
In 1596 wordt voor het eerst gewag
gemaakt van de bouw van een molen
voor de bemaling van de Roomburger- en
Cronesteinse polder die in die tijd
doorklieft werd door de roomburgerwatering,
het huidige Rijn- en Schiekanaal.
Deze molen zou gebouwd kunnen zijn
op de fundamenten van een voormalige
schans, maar dat is geenszins duidelijk.
In 1611 wordt deze molen vervangen
door een windwatermolen, waarschijnlijk
van hout (in 1627 wordt gesproken van
een houten wipmolen). In 1703 wordt
deze molen door de zware storm van
8 december van zijn plaats geblazen.
Een stenen molen volgt hem op. Een
eeuw later wordt deze door onbekende
oorzaak door brand verwoest. In 1806
wordt hij herbouwd. Het duurt nog
een kleine 90 jaar voordat de molen
zijn huidige uiterlijk krijgt na de eerder
beschreven blikseminslag en de daaruit
ontstane brand. De houten - en met lood
beklede - wielbak werd toen vervangen
door een betonnen. Daarna heeft de
molen nog 60 jaar zijn werk gedaan. Hij
heeft -zeg maar - de wijk om zich heen
zien ontstaan.
In 1953 neemt moderner apparatuur
de bemaling van de polders en de stad
over. Daarna raakte de molen ernstig in
verval. Inmiddels staat de molen er weer
in vol ornaat en prachtig bij dankzij een
in 1993 uitgevoerde restauratie, waar het
draaiende binnenwerk voor het grootste
gedeelte is verwijderd en de zuidwest
kant van de molen van een stuclaag is
voorzien.
De molen heeft nog een korte periode
gezelschap gehad van een buurmolen
die was gebouwd op de plaats waar nu
de ‘De Sitterbrug’ is. Van 1644 t/m 1684
heeft de molen ‘op Roomburg’ ondersteuning
geboden bij de verversing van het
stadswater. Daarna heeft deze molen nog
enige tijd de Slaaghsloot bemalen en is
in 1693 naar de Hondsdijkse polder te
Koudekerk a/d Rijn verhuisd. Daar staat
hij nog steeds.
Bronnen:
- Architectuur & monumentengids Leiden;
- Bruggenregister Leiden e.o.;
- Stenen poldermolens in Rijnland, bijdrage
tot de kennis van de windwatermolens in het
Hoogheemraadschap van Rijnland;
- Van stadspolder tot beschermd stadsgezicht;
- Verdwenen windmolens in Zuid-Holland.
|  |