Professor Cornelis van Vollenhoven
Dat het in het leven niet altijd loopt
zoals het misschien zou moeten, bewijst
het levensverhaal van Cornelis van
Vollenhoven. Niet dat zijn leven een
aaneenschakeling van tegenslag en
narigheid was, maar van een leien dakje
ging het ook niet bepaald. Rode draad
in het laatste deel van zijn leven is het
geschil tussen de universiteit van Utrecht
en de, door Van Vollenhoven zo geliefde,
universiteit van Leiden.
Toen hij in 1901 te Leiden tot hoogleraar
werd benoemd, werd zijn werkterrein
het adatrecht van Nederlands-Indië. Van
Vollenhoven is de grondlegger van de
adatrechtwetenschap in Nederland. Adat
(een van oorsprong Arabisch woord)
betekent, vertaald uit het Indonesisch:
gewoonte of overgeleverd gebruik. Dus
het adatrecht mag gezien worden als
een ‘ongeschreven’ volksrecht. Niet in
het minst door het verschijnen van ‘Het
Adatrecht van Nederlands-Indië’ (2 delen)
kreeg ook de rechtenfaculteit – na de
grootse prestaties van de bètafaculteiten
van de universiteit – hoger aanzien.
Conflict
Cornelis van Vollenhoven ontpopte zich
tot een groot kenner van Indonesië en
het Indonesisch recht en streefde als één
van de eersten naar zelfbestuur voor
de regio. Zijn moderne denkbeelden
werden niet door iedereen met open
armen ontvangen. Dit blijkt als de
universiteit van Utrecht in 1925 start
met een eigen indologische opleiding
die veel conservatiever van opzet is.
Deze vindt dan ook veel medestanders
in het feit dat de kolonie vooral door
Nederland bestuurd dient te blijven
met als onderbouwing dat alle rijkdom
in de kolonie te danken was aan het
voortvarend Nederlands bestuur.
Hoewel achteraf gebleken is dat die
onderbouwing toch wel erg scheef ging
en dat de toestand van met name de
Indonesische bevolking helemaal niet
zo rooskleurig was, kreeg de Utrechtse
faculteit toch flink wat aanhangers.
Maar ook Van Vollenhoven had medestanders
(bijvoorbeeld islamkenner
Christiaan Snouck Hurgronje). Toch
werden zijn denkbeelden vaak overschreeuwd
door die van de conservatieven.
Het conflict tussen beide universiteiten
dreigde te escaleren. Van Vollenhoven
heeft zich zoveel mogelijk afzijdig willen
houden maar toch was deze gang van
zaken een aanval op zijn denken, zijn
overtuiging van het belang van een zelfstandig
Indonesië.
Het conflict heeft hem gebroken. Pas
na zijn dood werd het gewicht van
zijn denkbeelden duidelijker, toen ook
bleek dat Indonesië voor Nederland niet
behouden kon blijven.
De Indonesiërs waren toe aan zelfbestuur
en onafhankelijkheid.
Cornelis van Vollenhoven was hoogleraar
– zoals het officieel heet – in het
Adatrecht van Nederlands-Indië en
het Staats- en Administratief recht van
Nederlands-Indië, Suriname en Curaçao.
Vanaf 1901 tot zijn vroege dood op 29
april 1933 heeft hij deze functie bekleed.
Rechtvaardigheid
Van geboorte was Van Vollenhoven
een Dordtenaar. Hij werd geboren op
8 mei 1874. Zijn moeder, Maria Elisabeth
Rijshouwer, overleed toen Cornelis nog
maar 3 jaar oud was. Op 11-jarige leeftijd
overleed ook zijn vader, Jan Willem van
Vollenhoven. Daardoor werden Cornelis
en de drie andere kinderen wees.
Juffrouw Van Pesch, de huishoudster,
had beloofd voor de kinderen te blijven
zorgen. Daardoor kon het ouderloze
gezin bijeen blijven.
Eenmaal op het gymnasium werd
Cornelis de protégé van rector dr.
S.J. Warren. Warren was zeer goed te
spreken over de leergierige Cornelis.
Van Vollenhoven doorliep zonder
enige moeite zijn schooltijd en gaf te
kennen een studie in de Oosterse talen
in Leiden te ambiëren. Warren had de
jonge Van Vollenhoven jarenlang kunnen
observeren en besloot hem te wijzen op
zijn sterke gevoel voor rechtvaardigheid.
Hij adviseerde Cornelis de richting van de
rechten te kiezen.
Op 17-jarige leeftijd komt Cornelis naar
Leiden, behaalt daar in 1895 zijn doctoraal
rechten, in 1896 zijn kandidaats
semitische talen en in 1897 zijn
doctoraal in de staatswetenschappen. In
1898 promoveert hij op het proefschrift
‘Omtrek en inhoud van het
Internationale Recht’.
In de korte tijd tussen zijn promotie en
zijn aanstelling tot hoogleraar werkt hij
bij het departement van Koloniën als
particulier secretaris.
Eredoctoraat
Van Vollenhoven kan gezien worden als
een zeer belangrijk wetenschapper. Voor
zijn uitmuntende werk werd hij dan ook
regelmatig onderscheiden. Zo ontving
hij de prestigieuze Thorbeckeprijs,
ontving hij de Orde van de Nederlandse
Leeuw en kreeg hij een eredoctoraat
van de Universiteit van Amsterdam. Ook
door zijn leerlingen werd hij op handen
gedragen. Hij was een zeer bescheiden
maar prettig mens in de omgang en een
trouwe vriend. Zo behoorde onder andere
Johan Huizinga tot zijn schare ‘trouwe
vrienden’. Van Vollenhoven heeft zich in
zijn vrije tijd veel beziggehouden met
het leven en werken van Hugo de Groot,
de grondlegger van het volkenrecht. En
biografi e over ‘Grotius’ was zijn doel. Van
Vollenhoven bleef ongehuwd.
Geruisloos verscheiden
Toen hij eind maart 1933 zijn einde
voelde naderen had hij een korte
wilsbeschikking geschreven, die
eigenlijk hier op neerkwam dat ‘zijn
verscheiden geruchtloos moest zijn’.
Dit schreef Henriëtte L.T. de Beaufort
in haar biografie over Van Vollenhoven
(Cornelis van Vollenhoven 1874-1933,
Henriëtte L.T. de Beaufort. Haarlem
1954, H.D. Tjeenk Willink & Zn). In één
van de laatste alinea’s van deze biografie
schrijft ze: “Dinsdag, de tweede mei,
tegen het vallen van de avond, op het
schemeruur, een kleine stoet die langs de
Haarlemmerweg en Poelgeest, achterom,
het kerkhof rondom het Groene Kerkje
van Oegstgeest bereikt. Dit uur van de
dag is door de heengegane gewenst.
Geen begrafenistumult. Een groepje
beproefde vrienden om de geopende
groeve. Stilte alom. Slechts een
friskrachtige lentebries suist in de hoge
luchten en schudt de populieren.”

Groene kerkje van Oegstgeest
Bronnen:
- Cornelis van Vollenhoven 1874 - 1933
(H.T.L. de Beaufort)
- De Leidse Universiteit 1928-1946,
vernieuwing en verzet (mr. P.J. Idenburg)
- De Leidse Universiteit in heden en verleden
(dr. J.J. Woltjer)
- Een Adatwetboekje voor heel Indié
(C. van Vollenhoven)
- Jaarboekje Vereniging Oud Leiden 1934:
in memoriam door J. Huizinga
- Leidsch Dagblad
- Miskenning van het Adatrecht,
vier voordrachten...(C. van Vollenhoven)
- Nieuw Nederlands Biografisch Woordenboek
- Pallas Leidensis MCMXXV (div. auteurs)
- Wikipedia
- Winkler Prins Encyclopedie
|