Oranjefeesten in vroeger tijden
‘Veel is reeds gedaan, doch veel moet nog gebeuren’
door Margot Lodewijk
Hoe werd er in vroegere tijden in onze wijk gefeest? Vlak na de Tweede
Wereldoorlog werd het Bevrijdingsfeest op 5 mei uitbundig gevierd, maar de
meeste herinneringen hebben drie wijkgenoten toch aan Koninginnedag. De
gesprekken met hen leveren mooie plaatjes én verhalen op over zelfgemaakte
feestkleding, een Apolloraket en houten hosvlonders.
Bevrijdingspoort van karton
Jos van der Voort-Van Harteveld herinnert
zich dat er voor het Bevrijdingsfeest
op de Zeemanlaan een prachtige
bevrijdingspoort van karton werd
neergezet. “En we maakten zelf speciale
feestkleding”, vertelt ze terwijl ze een foto
laat zien van een schitterend uitgedost
gezelschap: “We hadden zo vlak na de
oorlog natuurlijk nog helemaal niets.
Maar we wilden er tóch leuk uitzien!”
Van Koninginnedag kan ze zich
herinneren dat ze als kind meeliep in
de kinderoptocht en meedeed met de
spelletjes op het plein van de Cobetstraat/
De Laat de Kanterstraat. “En toen ik ouder
werd, ging ik ’s avonds naar het plein. Dan
werder er houten hosvlonders neergelegd
en kon je dansen op muziek. Tot aan
mijn trouwen en verhuizing naar elders
op mijn 24ste heb ik Koninginnedag hier
meegemaakt.”
“14 jaar later ben ik weer in de wijk
(Thorbeckestraat) komen wonen. Mijn
zoon heeft toen zeker meegedaan met
Koninginnedag, hij versierde zijn fi ets
voor de optocht en deed mee met de
spelletjes. Maar al snel was hij te groot
en bovendien raakte in die tijd (eind jaren
’70) de Koninginnedagviering een beetje
in het slop.”
Apolloraket
Sinds 1968 wonen Wout en Minca de
Bruijne aan het plein waar Koninginnedag
wordt gevierd. Daarvoor woonden ze op
de Hoge Rijndijk. “Vanaf 1968 hebben
we het feest hier uitgebreid meegevierd,
daarvoor waren we wat meer toeschouwer.”
Tijdens het gesprek tonen ze
fi lmpjes over Koninginnedag in 1966 en
1969.
We kijken naar prachtige beelden van de
kinderoptocht met heel veel toeschouwers
en heel veel kinderen die állemaal
verkleed zijn, bijvoorbeeld als Pinokkio
of fi guren uit de Fabeltjeskrant. Wout
de Bruijne wijst de Apolloraket aan die
hij met buren in elkaar knutselde. Om
de raket lopen zijn en andere kinderen
in astronautenpak. Ook laat hij zien hoe
de familie De Clercq een miniversie van
Drakensteijn maakte, waar hun kinderen
oranje uitgedost omheen wandelen. “We
staken er als ouders een hoop werk in.
Het was nog net geen bloemencorso! De
optocht duurde trouwens ruim een uur
en slingerde door de hele wijk heen.”
Na de optocht waren er festiviteiten op
het plein. We zien op de fi lm dat in het
midden van het plein een grote paal
stond met driehoeksvlaggetjes naar de
zijkanten van het plein toe. Minca de
Bruijne: “Ze moeten wel een enorm gat
hebben gegraven om die paal de grond
in te krijgen.” Er was geen eten en drinken,
maar je kon wel rondjes rijden in
een koets van fi rma de Jong, vertelt Wout
de Bruijne. “Je mocht zo vaak als je wilde
een ritje maken, als je maar bereid was
om lang te wachten. En er waren kinderspelen,
maar nog niet zo uitgebreid als
nu. Meer knikkers in een potje gooien of
op blikken met een touwtje eraan lopen.”
Verder stelde de firma Janson zijn
garage ter beschikking waar het Rad
van Avontuur tegen de garagedeuren
werd opgesteld. De prijzen kwamen van
alle winkels die hier toen nog waren:
drogisterij Kleiweg, bakker Nagtegaal,
het postkantoor en – toen nog alleen –
de groente- en fruitwinkel van familie
Vahrmeijer. “En dan schalde door de luidsprekers:
‘De volgende prijs is een fles
shampoo van drogist Kleiweg’ en trrrrrrr
daar ging het Rad van Avontuur weer.”
Later op de avond kon je dansen, maar
dat was kleinschalig, zonder drankjes en
met één of twee lampen aan een paal.
Veel is reeds gedaan…
Steph Menken woont in De Laat de
Kanterstraat, in het huis waar hij is
geboren. Zijn levendigste herinneringen
aan Koninginnedag stammen uit begin
jaren zestig. Als 11-, 12–jarig jongetje
liep hij zeker mee in de optocht, maar
met name het middagprogramma vond
hij erg leuk. “De hele dag kwam er bij
Janson muziek uit de luidsprekers.
Sommige liedjes hoorde je wel 20 keer,
want steeds werd hetzelfde bandje
gespeeld. En er was een poppenkast van
Jan Klaassen en Katrijn.”
“Ik deed graag mee met de kinderwedstrijden.
Ik won zelfs een keer de tweede
prijs met de stepraces – een mikadospel!
Die prijzen werden – net als voor het Rad
van Avontuur – ter beschikking gesteld
door de buurt middenstand. Maar
voor waaghalsjongetjes zoals ik was
misschien toch wel het allerleukste dat
we mee mochten helpen bij de Jan
Plezier. Dan hielpen we kinderen om
bovenop de koets te klimmen en
mochten we zelf achterop meerijden.”
“Wat ik me ook weet te herinneren is
dat we van tevoren een oranjegekleurd
velletje in de bus kregen van het
organiserend comité met de fenomenale
zin ‘Veel is reeds gedaan, doch veel moet
nog gebeuren’, dat zijn gevleugelde
woorden bij ons thuis geworden. Er
was natuurlijk ook veel hulp – en geld
– nodig, want ook toen al was het een
mooi, groots opgezet festijn.”
|