Slagerij Nozeman 75 jaar in onze wijk
Woensdag gehaktdag
door Nynke Smit
Het is woensdag, gehaktdag, als ik de
winkel van slager Ed Nozeman in de
van ‘t Hoff straat binnenstap. Hoewel ik
een afspraak heb, moet ik even wachten.
De schaal met half-om-half is alweer leeg. De
gehaktmolen moet weer malen en dat is de taak van de slager
zelf. Wanneer de gehaktschaal is gevuld, leidt Nozeman me via de
keuken door een labyrint van gangen en trappen naar een klein
kantoortje op de eerste verdieping. Hier wordt met vakmanschap en
passie het beleid uitgestippeld van een slagersfamilie die in Leiden
al meer dan honderd jaar de toon aangeeft.
Verzuild vlees
In 1890, om precies te zijn, vestigde
overgrootvader Pierre Francois een
slagerij op de Hoge Woerd. Toen 75 jaar
geleden de Professorenwijk uit de klei
verrees, verhuisde opa Edouard met zijn
winkel naar de nieuwe wijk buiten de
singels. Op een bakfi ets deed hij zijn
ronde langs de klanten. Vaak drie maal.
Eén keer om de bestelling op te nemen,
één keer om de bestelling te bezorgen en
tenslotte nog één maal om de betalingen
in ontvangst te mogen nemen. Vlees
werd destijds ook nog veel via de kerk
geleverd. Voor elke gezindte had je een
slager. Ja, je kunt gerust stellen dat het
vlees in die tijd nog verzuild was.
Koninklijke kluifjes
Omdat een ondernemer vaak meer
met de toekomst bezig is dan met het
verleden, was Nozeman blij verrast
toen er afgelopen december een trouwe
klant op de stoep stond met een fl es
wijn: “Alsjeblieft Ed, gefeliciteerd met je
jubileum: 75 jaar in de Professorenwijk!”.
Intussen stevent Nozeman af op een
nieuwe mijlpaal. Met een geschiedenis
van 125 jaar familiebedrijf, hoopt hij
in 2015 het predicaat Hofleverancier te
verwerven.
Op mijn vraag of hij wel eens echt aan
het hof heeft geleverd, herinnert hij zich
dat dit inderdaad een keer het geval
was. Bij de herdenking van de Unie van
Utrecht mocht een koninklijk gezelschap
kluiven op spareribs van Nozeman, die
juist waren bekroond als de beste van
Nederland.
Prettig gescharreld
Een goede wijk verdient een goede
slager, veronderstel ik als trotse wijkbewoner.
Maar alleen van de wijk zou hij
niet kunnen leven, relativeert Nozeman.
Onder de druk van hoge hypotheken
en een hectisch leven wordt door jonge
gezinnen de gang naar de supermarkt
maar al te gauw gemaakt. De laatste
tijd begint hierin wel een kentering
te komen: ook de nieuwe bewoners
ontdekken de waarde van kwaliteit. De
consument wordt kritischer op wat hij
eet en is milieubewuster. Na het sporten
smaakt een kant&klaarmaaltijd van de
keurslager toch beter dan een diepvries
pizza. Als maatschappelijk verantwoord
ondernemer selecteert Nozeman in de
naburige groene polder zelf het vee en
laat dat naar eigen wens en voorkeur
afmesten. Wat bij hem in de vitrine ligt,
heeft prettig gescharreld en
goed gegeten.
Dat proef je. En dat is ook
ver buiten de wijk bekend. Voor speciale
gelegenheden en met de feestdagen
komen grote en kleine bestellingen van
heinde en verre. Door soepel in te spelen
op de wensen van klanten, veraf en
dichtbij, weet Nozeman zich, als laatste
slagerij in de wijk, prima te handhaven.
Een 10 met kruiden
Zijn Opa Edouard mag dan destijds zijn
klanten in de watten hebben gelegd,
kleinzoon Ed doet naar moderne maatstaven
niet voor hem onder. Wanneer ik
door de winkel weer naar buiten loop,
hoor ik hoe het gehakt – gehakt dat dit
jaar door de landelijke keurorganisatie
werd beloond met een 10 – nog steeds
rap over de toonbank gaat. En hoe het
door zijn medewerksters speciaal wordt
gekruid: met een woord van belangstelling
en een vriendelijk knikje voor iedere
klant.
|  |